Wetswijzigingen 2012


Tijdelijke aanpassing werktijden na ouderschapsverlof mogelijk
Een werknemer die het recht op ouderschapsverlof volledig heeft gebruikt, kan de werkgever verzoeken om tijdelijke aanpassing van het werkpatroon in verband met de zorg voor het kind.
Het verzoek moet drie maanden voor afloop van het verlof bij de werkgever worden ingediend. De werkgever is verplicht uiterlijk vier weken voor de afloop van het ouderschapsverlof hierop te beslissen.
Implementatie van een Europese richtlijn resulteerde in deze wijziging van de Arbeidstijdenwet per 12 april 2012. Dezelfde richtlijn heeft geleid tot wijziging van de Wet arbeid en Zorg: het is een werkgever niet toegestaan een werknemer die ouderschapsverlof opneemt of wil opnemen te benadelen.




Werknemerspremie WW niet opnieuw ingevoerd

8 maart 2012 - Er komt geen herinvoering van de WW-premie voor werknemers. Dit heeft minister Kamp van Sociale Zaken en Werkgelegenheid bekendgemaakt aan de Tweede Kamer. De minister wil de werknemerspremie voor de WW niet opnieuw invoeren omdat het slecht is voor de koopkracht en het voor werknemers dan minder aantrekkelijk is om te werken. Ook zou de herinvoering van de werknemerspremie weer veel administratieve rompslomp met zich meebrengen.

Minister Kamp reageerde op het voorstel van FNV om weer een bijdrage te vragen aan werknemers voor de financiering van de Werkloosheidswet. Volgens de vakcentrale is dit nodig omdat de werkloosheid weer oploopt en er minder geld is om de werkloosheidsuitkeringen te bekostigen. De voorwaarde van FNV was dat de hoogte en de duur van de WW-uitkering dan onveranderd bleven. In de Tweede Kamer gaf de minister echter aan dat hij het voorstel van de vakcentrale onverstandig vindt.
De werkgever betaalt op dit moment het werkgevers- en het werknemersdeel van de WW. Het werknemersdeel van de WW-premie mag de werkgever inhouden op het loon van de werknemer. Het werknemersdeel van de WW bedraagt echter al enkele jaren 0%. FNV wil de situatie dus weer terugdraaien en zowel werkgevers als werknemers laten opdraaien voor de WW-premie.
Hogere administratieve lasten
Minister Kamp is het hier niet mee eens. Werknemers zouden door een herinvoering van de werknemerspremie minder nettoloon overhouden, waardoor werken minder lonend wordt. Ook zou de koopkracht van werknemers hierdoor dalen, wat ongunstig is voor de economie. Daarnaast wees de minister op de vereenvoudiging die het kabinet met de invoering van het uniforme loonbegrip wil bereiken. Door de herinvoering van de werknemerspremie voor de WW zouden de administratieve lasten juist weer worden verhoogd.

Aan de slag met de Wet werken naar vermogen

10 februari 2012 - De overheid wil het voor werkgevers aantrekkelijker maken om mensen met een arbeidsbeperking in dienst te nemen. Doordat de overheid het loon aanvult, hebben mensen met een arbeidsbeperking die (gedeeltelijk) kunnen werken straks meer kans op een baan. De Wet werken naar vermogen (WWNV) moet dit mogelijk maken. De nieuwe wet is onlangs naar de Tweede Kamer gestuurd. Het is de bedoeling dat de wet op 1 januari 2013 in werking treedt.
De Wet werken naar vermogen (WWNV) is een samenvoeging van de Wet arbeidsongeschiktheidsuitkering jonggehandicapten (Wajong), Wet sociale werkvoorziening (WSW), Wet werk en bijstand (WWB) en de Wet investeren in jongeren (WIJ). Onder de WWNV komt er één regeling voor iedereen die (gedeeltelijk) kan werken en nu nog een beroep doet op de verschillende genoemde regelingen. Iedereen die met ingang van 1 januari 2013 instroomt, valt onder de nieuwe WWNV. Het uitgangspunt is dat mensen met een arbeidsbeperking in eerste instantie werk zoeken bij een gewone werkgever. Als dat echt niet lukt, kunnen ze een beroep doen op het sociale vangnet.

De overheid vult inkomen werknemer aan

Bij loondispensatie betaalt de bestuurder alleen het deel van het loon waarvoor de werknemer arbeidsproductief is. De overheid vult het inkomen van de werknemer aan tot maximaal het wettelijke minimumloon. Daarnaast bestaat de mogelijkheid van een no-riskpolis. Met de no-riskpolis hoeft de werkgever bij ziekte geen loon door te betalen als een werknemer met een arbeidsbeperking, bijvoorbeeld een Wajonger, uitvalt.

OR bevordert aantrekken gehandicapte werknemer

Binnen het midden- en kleinbedrijf zijn inmiddels verschillende initiatieven gestart om ervaring op te doen met mensen met een arbeidsbeperking, zoals werkgeversnetwerken en kenniscentra. Leg dit onderwerp met uw OR voor aan de bestuurder op de overlegvergadering. Volgens artikel 28 lid 3 WOR is het namelijk een taak van de OR om het in dienst nemen van gehandicapte werknemers te bevorderen.

 

Handboek Loonheffingen 2012


Het 'Handboek Loonheffingen 2012' is vanaf heden beschikbaar en te downloaden van de website van de Belastingdienst. In het handboek is de actuele loonheffingeninformatie voor 2012 te vinden.

Vooralsnog is alleen de actuele loonheffingeninformatie opgenomen in het handboek. De online-informatie wordt op dit moment geactualiseerd en is in de loop van februari beschikbaar.

 

 

Vorst-WW

Dit schrijven is bedoeld u te informeren over het bestaan van de mogelijkheid tot aanvragen van een WW uitkering voor werknemers die vanwege onwerkbaar weer, zoals de huidige vorst, hun werk niet kunnen verrichten.
De regeling geldt alleen voor werknemers die onder de werking van de CAO voor de Bouwnijverheid vallen.
Hieronder geven we de regeling in hoofdlijnen weer.
Inhoud van de regeling
Als er op meer dan 22 werkdagen niet gewerkt kan worden vanwege of ten gevolge van vorst, kan de werkgever namens de werknemer bij het UWV een WW-uitkering aanvragen. De werkgever betaalt de werknemer een aanvulling op deze uitkering tot 100% van het loon.
De opgebouwde WW-rechten van de werknemer worden niet aangetast.
Voorwaarden
Uiteraard zijn er voorwaarden gesteld aan wat een ‘vorstdag’ is en wanneer de ‘vorstnorm’ is gehaald. De precieze voorwaarden kunt u bij ons opvragen.
Aanvragen
Het meest belangrijk is dat er iedere dag dat er aan de vorstnorm wordt voldaan formulieren moeten worden verzonden aan het UWV. Deze formulieren dienen voor 11.00 uur bij het UWV binnen te zijn en kunnen worden verzonden per mail of per fax.
U laat de werknemer de formulieren controleren op juistheid en ondertekenen. Daarnaast bewaart u een kopie van de verzonden gegevens in zijn administratie voor een eventuele controle door het UWV.
Contact
Wanneer u meer informatie wilt ontvangen over deze regeling kunt u uiteraard contact met ons opnemen.
U kunt dit doen door te bellen met 0572 357511 of te mailen info@arboadviesraalte.nl

Wijzigingen in WMCO gaan op 1 maart 2012 in

12 januari 2012 - De Eerste Kamer heeft ingestemd met de voorgestelde wijzigingen in de Wet melding collectief ontslag (WMCO). Vanaf 1 maart hebben werkgevers bij ontslag om bedrijfseconomische redenen ook een meldingsplicht als ze afscheid nemen van een werknemer via een beëindigingsovereenkomst. De meldingsplicht bestond al langer bij beëindiging van een arbeidsovereenkomst via UWV WERKbedrijf of de kantonrechter.
Zoals u in het bericht ‘WMCO door Tweede Kamer aangenomen’ kon lezen, was het voorstel om ontslag ook te moeten melden bij wederzijds goedvinden eind 2011 doorgestuurd naar de Eerste Kamer. Nu ook de Eerste Kamer akkoord is, is de uitbreiding van de meldingsplicht een feit.
Ook melden bij wederzijds goedvinden
Als een werkgever bij een reorganisatie binnen drie maanden 20 of meer werknemers wil ontslaan, moet hij dit schriftelijk melden bij UWV WERKbedrijf en de vakbonden. Op dit moment geldt deze meldingsplicht alleen voor ontslag door opzegging na toestemming van UWV WERKbedrijf of door ontbinding van de kantonrechter. Per 1 maart 2012 is de meldingsplicht ook van toepassing op werkgevers die een beëindigingovereenkomst met hun werknemers sluiten.
Melden bij vakbonden en OR
Een werkgever moet collectief ontslag niet alleen melden bij de vakbonden, maar ook bij de ondernemingsraad (OR). Overigens hoeft de werkgever met deze partijen geen overeenstemming te bereiken; het is voldoende als ze zijn geraadpleegd. Na de melding moet de werkgever in principe één maand wachten voordat hij de arbeidsovereenkomst kan beëindigen. Deze maand wachttijd is niet van toepassing als uit een verklaring van de vakbonden blijkt dat zij instemmen met de ontslagen.
De WMCO geldt alleen bij ontslag om bedrijfseconomische redenen. Houdt de werkgever zich niet aan de regels van de meldingsplicht, dan kan de overeenkomst worden vernietigd. Dit is bijvoorbeeld het geval als de werkgever eerst tien werknemers zou ontslaan en een maand later weer tien en deze ontslagen niet zou melden bij UWV WERKbedrijf en de vakbonden.

Bron: Rendament
 

Loonkostensubsidie (LKS) afgeschaft per 1 januari 2012

In het ‘Wetsvoorstel tot wijziging van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen’, dat onlangs werd ingediend, wordt voorgesteld om de Loonkostensubsidie (LKS) af te schaffen voor dienstbetrekkingen die op of na 1 januari 2012 worden aangegaan.

Werkgevers die voor 1 januari 2012 nog een uitkeringsgerechtigde uit de hieronder genoemde doelgroep aannemen, kunnen nog gebruik maken van de LKS.
Vanaf 1 januari 2009 kunnen werkgevers onder voorwaarden een LKS krijgen ter hoogte van 50% van het wettelijk minimumloon gedurende 1 jaar (per 1 juli 2011: € 8.611,20), voor het in dienst nemen van bepaalde werknemers.
­
De voorwaarden zijn:
  • De werknemer ontvangt een WGA-, WAO-, WAZ- of WAJONG-uitkering of langer dan 1 jaar een WW-uitkering (mits niet werkloos geworden uit het onderwijs of een overheidsbaan);
  • De werknemer is jonger dan 50 jaar en kan moeilijk aan het werk komen;
  • De werknemer heeft de afgelopen 6 maanden niet op een proefplaats bij de werkgever gewerkt;
  • De werknemer heeft een indicatie LKS UWV, waaruit blijkt dat hij/zij tot de doelgroep behoort;
  • De werknemer heeft in de afgelopen 5 jaar niet eerder een loonkostensubsidie ontvangen;
  • De werkgever biedt een arbeidsovereenkomst van minimaal 12 maanden aan en heeft de intentie de arbeidsovereenkomst daarna met nog een half jaar te verlengen;
De LKS bij het UWV wordt aangevraagd binnen 3 maanden nadat de werknemer bij de werkgever is gaan werken.

 

 

Wettelijk minimumloon per 1 januari 2012


De brutobedragen van het wettelijk minimumloon en het minimumjeugdloon stijgen 1 januari 2012.

Het wettelijk brutominimumloon (WML) voor werknemers van 23 jaar en ouder bij een volledig dienstverband wordt per 1 januari 2012:
•    € 1.446,60 per maand
•    € 333,85  per week
•    € 66,77 per dag